in 't Wasdom

Toegang tot kennis
mei 15th, 2020 by Renske ter Avest

Tips voor bronverwijzingen & bibliografie

Méér hulp nodig? Je kunt ons online raadplegen. BOLAS online met Microsoft Teams.

Wat zijn de APA-regels bij verwijzing naar een krantenartikel of journal of bij een artikel uit een wetenschappelijke bundel? Hieronder een overzicht van de regels bij verschillende type bronnen

Bij elk type bron (thesis, boek, bundel, rapport, artikel [uit journal, tijdschrift of krant], webpagina etc.) wordt een voorbeeld gegeven van de precieze bronverwijzing in het betoog en de weergave van de bron in de bibliografie.

Gebruikers van bolas kunnen bij het opstellen van de literatuurlijst gebruik maken van de APA-tool van bolas, zoeken in Laelaps die zoekresultaten direct volgens APA-richtlijnen opslaat of gebruik maken van de databanken. Je kunt hier alle functionaliteiten bekijken.

april 23rd, 2020 by Jaap de Jong

Nieuwe opzet BOLAS

Vanaf januari 2020 werken wij aan een nieuwe opzet van BOLAS. We richten ons meer op directe ondersteuning van onze relaties. Dit betekent dat er een steviger band is tussen de gewone website en de webapplicatie.

Op de website wordt in wekelijkse blogs inhoudelijke steun gegeven over de onderzoeksaanpak, methoden (literatuuronderzoek, interviews etc.), technieken (labelen) en instrumenten (bijv. interviewleidraad).

Renske ter Avest doet de eindredactie van de inhoudelijke blogs. In wekelijkse blogs reikt Renske tips en tools aan ten behoeve van gebruikers in het voortgezet en hoger onderwijs. Renske houdt zich onder meer bezig met de didactische elementen: het oefenen van vaardigheden en het toetsen. Daarbij komt er in de komende tijd aandacht voor de leerlijnen “onderzoekend vermogen” (VO/HO) waarbij bolas als middel wordt gebruikt (bijv. bij het “slimmer zoeken” op Google & in databanken, opzetten van een literatuurlijst vlg. APA-richtlijnen etc.). Zo werk je ook aan je digitale geletterdheid!

Renske is docente aan het CCNV en begeleidt daar o.m. leerlingen bij het profielwerkstuk. Zij heeft een achtergrond als historica en filosofe en weet veel van de ins en outs van het opzetten van een onderzoek. Renske blijft ook betrokken bij de online-workshops voor gebruikers.

update: 22 mei 2020

juni 5th, 2020 by Jaap de Jong

De toegankelijkheid en beschikbaarheid van bronnen

In deze reeks besteden we aandacht aan vrij toegankelijke databanken (zg. Open Access). Verder geven we tips hoe je de toegang tot bronnen kunt vergroten, bijv. door het gebruik van een VPN-verbinding die ook nog eens tot meer privacy op het internet leidt.

Een betaald lidmaatschap van de openbare bibliotheek geeft toegang tot een aantal interessante (digitale) bronnen, ook vanuit de thuiswerkplek. Een grotere collectie van (digitale) bronnen is aanwezig bij de moeder van alle bibliotheken: de Koninklijke Bibliotheek (KB). Voor leerlingen is het KB-lidmaatschap gratis, studenten betalen een bedrag van €7,50 (50%)

Een KB-lidmaatschap kun je aangeven binnen je persoonlijke instellingen van de bolasapplicatie. Bij nieuw aangemaakte projecten reikt bolas je relevante selectie uit haar databankcatalogus aan (op type, vakgebied en onderwerp van je project), waaronder dus ook verwijzingen naar KB-databanken.

juni 4th, 2020 by Renske ter Avest

Toegankelijkheid digitale collecties (OB en NBD Biblion)

Goed om te weten dat leden van de Openbare Bibliotheek vanuit hun thuiswerkplek toegang hebben tot de e-book collectie van de bibliotheek online (zo’n dertigduizend titels). Deze databank maakt ook deel uit van de collectie van ruim 20 databanken met e-books waarnaar wij verwijzen en die vanuit onze databankcatalogus benaderbaar zijn. Een groot deel daarvan is overigens doorzoekbaar met onze zoekmachine Laelaps.

Naast de genoemde e-books zijn er databanken van NBD Biblion (Literom en de Uittrekselbank) voor bibliotheekleden beschikbaar. Deze databanken geven informatie over actuele thema’s, gerecenseerde boeken en/of interviews met schrijvers. Een prachtige aanvulling op de e-books.

Leerlingen van scholen voor VO die géén lid zijn van de Openbare bibliotheek kunnen vanuit de thuiswerkplek op de databanken van NBD Biblion inloggen (deze inlog werkt alleen als de betreffende school over een geldig abonnement beschikt).


Ook goed om te weten – gevonden titels uit de hierboven besproken databanken kun je natuurlijk bewaren in je bronnenlijst van bolas (vlg. APA-richtlijnen) om ze later weer in te zien. Naast de andere functionaliteiten van bolas.

juni 3rd, 2020 by Renske ter Avest

Zoeken in databanken – Proquest

Als je lid bent van de openbare bibliotheek en op zoek naar (wetenschappelijke) cultuurhistorische informatie (journals, tijdschriften, dissertaties, kranten) dan is deze selectie van databanken wellicht geschikt.

Het gaat om ruim twintig databanken van Proquest op het historische culturele vlak (Engelstalig) interessant zijn en daarom ook in onze databankcatalogus zijn opgenomen.

Hier vind je het overzicht met beknopte beschrijvingen van de databanken. De collectie is ook gelijktijdig doorzoekbaar. Je kunt daarbij gebruik maken van booleaanse operatoren (OR, NOT etc.).

mei 25th, 2020 by Jaap de Jong

Sesam open u!

Naast het Hele Erge is er iets dat daar dichtbij komt, namelijk een boek dat wel beschikbaar, maar niet toegankelijk is. Wat doe je in zo’n geval?

Het overkomt mij met regelmaat, zo ook vandaag. Ik las in de NRC een recensie van Auke Hulst over een collectie essays van Yoshida Kenkō (c. 1283-1350), een Japanse boeddhist, die – zo begreep ik – tot rijpheid kwam door de kunst van het nietsdoen te leren. Ik zocht zijn boek The Idle Thoughts of a Recluse (1914) op en ontdekte dat het boek beschikbaar was in de Amerikaanse digitale collectie (databank Hathitrust). De collectie is in haar geheel opgenomen in onze zoekmachine Laelaps. Het gaat om vele miljoenen titels. Deze specifieke titel is echter buiten Amerika niet downloadbaar, althans niet zonder VPN-verbinding (VPN staat voor Virtual Private Network)

Met een VPN-verbinding is het net alsof je zelf in Amerika bent. Eigenlijk zet je met een VPN een netwerkverbinding op met een Amerikaanse computer die jouw zoekopdracht doorgeeft aan de databank Hathitrust. Dat is volledig legaal. Zo kon ik het boek van Kenkō toch inzien.

We leven in een wonderlijke wereld met een overvloed aan teksten die beschikbaar en ook nog eens toegankelijk zijn. Althans voor hen die Ali Baba willen heten en een VPN-sleutel bezitten. Jij kunt ook Ali Baba zijn.

mei 11th, 2020 by Renske ter Avest

Betrouwbaarheid en kwaliteit van de bibliografie

Een serie artikelen over de betrouwbaarheid en kwaliteit van de bibliografie of literatuurlijst. Welke eisen worden er aan betrouwbare bronnen gesteld? & Hoe beoordeel je de betrouwbaarheid en kwaliteit van bronnen? Meer lezen…

mei 3rd, 2020 by Jaap de Jong

Geschiedenis, een discussie zonder eind.

De historische waarheid is wellicht een onvindbare waarheid, maar je moet er wel eerlijk en oprecht naar streven, schreef de historicus Pieter Geyl (1887-1966) ergens.

Ik moest er aan denken toen ik afgelopen week hoorde dat het onvolprezen Tijdschrift voor Geschiedenis (TvG) online is gegaan. In 1886, op het moment dat Alida Kip zwanger was van haar zoon Pieter Geyl, kwam het eerste nummer van het TvG uit. Het respectabele tijdschrift bestaat tot op de dag van vandaag en is nu als Open Access tijdschrift te bekijken en te doorzoeken.

Als historicus, opgeleid in de jaren dat de wereld van papier en kaartenbak werd ingewisseld voor het oneindige digitale heelal, sta ik wat dubbel in die wereld. Toen ik in de jaren negentig naar de witte stranden van Katwijk afreisde, in de hoop daar in het archief de geheime documenten van Cornelis Varkevisser over de opvarenden van de “gekkenlogger” te vinden, klopte mijn hart vol verwachting.

Uitstel en het verlangen was mijn brandstof. Wat zal ik vinden en wat is er toch, hoewel het er niet staat? Nu kan ik “alles” vinden en leef ik in een eeuwig digitaal nu. Is het beter geworden? Ik ben er niet uit, wat ik wel weet is dat je in deze wereld meer kennis en vaardigheden nodig hebt dan ooit. Hoe kun je een vraag stellen zonder enige voorkennis? En wie vertelt je wat kwaliteit heeft en wat niet en wat zijn de criteria. Niet dat kwaliteit voor altijd vaststaat en niet bediscussieerd kan worden. Alleen Pieter Geyl had gelijk: geschiedenis, een discussie zonder eind.


In BOLAS kun je niet alleen in Laelaps naar OpenAccess bronnen zoeken. Er is ook (per vakgebied en type bron) een  databankencatalogus. Die bevat voor geschiedenis ruim 130 databanken  – waaronder het TvG – Een goudmijn voor de historicus.

april 29th, 2020 by Jaap de Jong

Wat is labelen?

Labelen is een manier om je onderzoeksmateriaal te typeren met kernwoorden en/of codes. Met labelen schep je orde in de chaos van je onderzoeksdata. Het uitgangspunt bij het labelen is je vraagstelling en de bijbehorende topics. Door te labelen kun je de relevante resultaten (tekstfragmenten) uit je interviews met elkaar vergelijken en systematisch analyseren. Je kunt niet alleen interviews labelen, maar ook documenten of vakliteratuur.

Het ontwerpen van een labelsysteem is niet veel anders dan het opzetten van een ouderwetse kaartenbak (bijv. voor het bewaren en ordenen van adressen), maar dan digitaal. Een systeem dat je kunt ordenen, bijv. naar (kern)label of naar type bron.

Labelen heeft pas zin als je over meerdere interviews (of andere teksten) beschikt met dezelfde topics. Het is van belang om bij het ontwerpen van je interviewleidraad (of -protocol) rekening te houden met de vergelijkbaarheid tussen respondenten. Het labelen van een expertinterview om te kunnen vergelijken heeft geen zin, omdat er meestal maar één expert is op een bepaald terrein en er dus geen sprake is van een diepgaande analyse van verschillen of overeenkomsten tussen tientallen tekstfragmenten over bepaalde topics.

Het labelen als methode kan worden toegepast bij interviews, literatuuronderzoek en documenten. Bij interviews ga ik ervan uit dat je beschikt over de volledig uitgeschreven interviews, het zgn. ruwe materiaal. Ieder interview krijgt een uniek identificatienummer (idnr.), bijv. 4 (het vierde interview in een reeks van bijv. acht interviews). Vervolgens streep je in dat interview de irrelevante passages weg, selecteer en/of arceer je de relevante tekstpassages. Voorzie deze tekstfragmenten al in het zgn. ruwe interviewmateriaal van een fragmentcode  en voer die fragmenten in in het door jou gebruikte systeem in (Excel, Access of ATLAS-ti). De geselecteerde tekstfragmenten geef je de al eerder toegekende fragmentcode en je voorziet het fragment van een (voorlopig) karakteriserend label. De fragmentcode i4.21 slaat bijv. terug op interviewfragment 21 van respondent 4.

Na het labelen van een stuk of zes/zeven getranscribeerde interviews merk je vaak dat er structuren ontstaan. Je kunt dan overgaan naar een (kern)labelsysteem met meer definitieve labels. Vaak zijn er twee of meer verwante labels die onder een zgn. kernlabel zijn te plaatsen. Ze omvatten meerdere aspecten van het topic of vallen er zelfs min of meer mee samen. Het is dan wel zaak om dat kernlabel dan nauwkeurig te omschrijven/definiëren.

Samengevat, een 7-stappenplan:

  1. Transcriberen teksten ofwel het letterlijk uitschrijven van de interviews. Geef ieder interview een uniek idnr.;
  2. Selecteer per interview de relevante tekstfragmenten op basis van je vraagstelling;
  3. Geef de geselecteerde fragmenten een fragmentcode die verwijst naar het interview (coderen). Uit fragmentcode 4.21 blijkt bijv. het verband tussen interviewfragment 21 en het eerder genummerde interview (4).
  4. Invoer van tekstfragmenten, inclusief fragmentcodes, in systeem BLAblabla (zie hieronder) of in een ander verwerkingsprogramma;
  5. Vat het fragment samen met een karakteriserend woord ofwel label. Je mag meerdere labels toekennen aan een fragment, hou het wel overzichtelijk;
  6. Maak een systematisch overzicht van de labels waarbij meerdere, samenhangende labels, een kernlabel kunnen vormen. Definieer deze kernlabels en zorg er voor dat deze omschrijving de lading ook werkelijk dekt;
  7. Analyseer de resultaten aan de hand van de (kern)labels. Maak daarbij gebruik van een Excelprogramma, ATLAS-ti of van BLAblabla (zie hieronder).

Bij documenten gaat het labelen in principe op eenzelfde manier. Gebruik je meerdere type bronnen dan is het handig om bij een document (bijv. dossier) een extra lettercode te gebruiken, bijv. iets als d8.7 (document 8, fragment 7). Hou de codering echter zo eenvoudig mogelijk.

Relevante fragmenten uit de literatuur kun je ook labelen. Bij gebruik van literatuurfragmenten kun je het reguliere referentiesysteem gebruiken, bijv. APA-stijl (auteur(s), publicatiejaar, paginanr.). Labelen van (vak)literatuur kan ook in BOLAS.

In het bronnenoverzicht van je BOLAS-project (indien aanwezig) staat rechts van de opgeslagen bron (naast REF) de labeloptie. Je kunt het gelabelde tekstfragment in de aantekeningen bij de bron plakken. Met de toegekende labels hou je overzicht. Je kunt bronnen ordenen door op het label te klikken. Overzicht houden is een voorwaarde voor de analyse.

Door labels te geven aan tekstfragmenten kun je al het gebruikte bronnenmateriaal ordenen en resultaten per toegekend (kern)label analyseren. Dat geeft je de mogelijkheid zinnige zaken te rapporteren over de totale groep respondenten, documenten of literatuur (de zgn. bronnen) in relatie tot het betreffende (kern)label.

Meer weten?

Je ontvang het labelsysteem BLAblabla – Bronnen Labelen Analyseren – bij aanschaf van een bolasaccount. Het programma BLAblabla word je na aanschaf van bolas apart toegestuurd (zie afbeelding hieronder).

Desgewenst is een meer uitgebreid bolasabonnement met (digitale) ondersteuning voor BLAblabla. Zie: bolas – individuele aanschaf met cursus.

BLAblabla, versie 1.4 – Bronnen Labelen Analyseren – is te gebruiken in combinatie met Access van Microsoft Office

april 24th, 2020 by Jaap de Jong

Over de zoekmachine Laelaps in BOLAS

Laelaps - de zoekmachine van bolas

Bolas werkt samen met onder meer de Duitse zoekmachine BASE en DOAJ aan het verbeteren van de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de wetenschap. De inhoud van genoemde databanken is – met ruim twintig andere databanken (totaaloverzicht) – in Laelaps opgenomen. Bij de nieuwste update zijn meer dan honderdvijftig miljoen bronnen geïndexeerd. Klik op het logo om direct naar Laelaps te gaan.

april 22nd, 2020 by Jaap de Jong

Onderzoekend vermogen

Jos van Helvoort, docent aan de Haagse Hogeschool, ontwikkelde een instrument om de informatievaardigheden van studenten te toetsen. Informatievaardigheden zijn meer technisch van aard, maar maken wel onderdeel van het “onderzoekend vermogen”. Zelf heb ik de ervaring dat er te weinig aandacht geschonken wordt aan die technische aspecten (incl. kennis), die m.i. de basis vormen om iets als een “onderzoekend vermogen” te kunnen ontwikkelen. De “onderzoekende houding”, een attitude die door Maaike van den Herik en Arnoud Schuitema (2016) eerder werd beschreven aan de hand van persoonskenmerken als opmerkzaamheid, nieuwsgierigheid, bedachtzaamheid en kritische zin. Die houding, hoe fundamenteel en belangrijk, werkt in het praktisch-wetenschappelijk onderzoek minder uit als men de technisch-inhoudelijke vaardigheden mist om die gaven te exploiteren.

Het door Van Helvoort ontwikkelde instrument – de scoringsrubriek informatievaardigheden – meet zeven, technisch-inhoudelijke vaardigheden (o.a. oriënteren op onderwerp & kwaliteit van primaire & secundaire bronnen en databanken & literatuurlijst & bronverwijzingen in tekst) die nodig zijn voor het schrijven van een essay of eindscriptie.

Nuttig is zo’n instrument zeker. Ik zet het instrument regelmatig in bij studenten om zichzelf te toetsen op dat terrein. Zo’n zelfbeoordeling is een mooie (formatieve) manier van toetsen. Hoe vaardig ben je en wat wordt van je verwacht? Het beoordelingsinstrument is ook geschikt te maken voor leerlingen in de bovenbouw van het VO, zeker als eye-opener. En voor hun begeleiders: om het als instrument te hanteren de leerlingen te helpen bij de reflectie over hun, aanpak, zoekgedrag (en de verbetering daarvan).

Zo’n reflectie of zelfontdekking is misschien confronterend, maar nuttig. Het is goed in te zien dat je onbewust onbekwaam bent. Het is zoals mijn oma al zei: “alleen een leeg vat kan worden gevuld.” Je kunt groeien in je vaardigheden: van “onbewust onbekwaam” tot “bewust bekwaam”, maar je moet wel weten waar je staat. Het is daarom verstandig om pas na het self-assessment een hoorcollege over literatuuronderzoek te geven 😉

Ik ontmoette Jos van Helvoort kort voor zijn promotie, in september 2016, in zijn kamer aan de Haagse Hogeschool waar ik een vroege versie van bolas demonstreerde. Hij vond het een prachtig instrument en was zeer gecharmeerd van het gegeven dat gebruikers hun eigen zoekgedrag kunnen vastleggen en daarover reflecteren (rapportagetool).

Ik ben enthousiast over de scoringsrubriek. Vanwege de besproken “zelfontdekking”, maar ook omdat de punten van Van Helvoort een plek hebben in onze visie (en vorm en inhoud kregen in het instrument bolas).


Méér weten?

  1. Zie: Scoringsrubriek voor informatievaardigheden
  2. Alle blogs over het onderzoekend vermogen in het (hoger) onderwijs.

Het proefschrift van Jos van Helvoort – waarin de scoringsrubriek wordt onderzocht/gevalideerd – is te vinden in Laelaps, de zoekmachine van bolas, maar “that’s another story”.

april 21st, 2020 by Renske ter Avest

Vakliteratuur en databanken voor verpleegkundigen

Onderzoekend vermogen komt voort uit een onderzoekende houding. Zo’n houding heeft alles te maken met nieuwsgierigheid;  de drang tot weten, tot leren. Een onderzoekende houding impliceert gerichtheid op bronnen en voortbouwen op eerdere opvattingen en ideeën. Staan op de schouders van anderen en daarbij ook gericht zijn op zeker weten. Goede bronnen gebruiken en nauwkeurig en verantwoord data verzamelen. Het handboek Onderzoekend vermogen voor verpleegkundigen zegt mooie dingen over het onderzoekend vermogen en de drang tot weten (De Jong, Legius en De Maesschalck, 2016).

Aanvullend op dat handboek leg ik in dit blog uit waar je betrouwbare bronnen – vakliteratuur, databanken, wetenschappelijke instituten – kunt vinden.

“Wat zijn relevante databanken voor de verpleegkundige?” en “hoe doe je effectief literatuuronderzoek?” zo vragen studenten Verpleegkunde mij met regelmaat. Ik kan daar niet altijd direct antwoord op geven.

“Relevant” hangt immers af van context, de vraagstelling (wat wil je precies weten), de kwaliteit (o.a. betrouwbaarheid) en het gewenste type bron (bijv. journal, artikel, thesis). Daarnaast speelt de beschikbaarheid & toegankelijkheid een rol. Je kunt niet overal gratis bij, behalve bij Open Access bronnen die toegankelijk zijn voor iedereen.

Een paar suggesties (zie onderstaand bronnenoverzicht voor de klikbare vindplaatsen):

  • Wordt lid van de Koninklijke Bibliotheek (KB). Daar heb je een leven lang plezier van. De KB geeft je ook na afstuderen toegang tot databanken. Je kunt hier lid worden van de KB. Let op de kortingsmogelijkheden voor studenten.
  • Maak daarnaast gebruik van (Open Access) databanken. Een groot aantal van die databanken wordt ook direct (en tegelijkertijd) doorzocht door Laelaps, de zoekmachine van bolas (zoals DOAJ, HBO-Kennisbank, NARCIS, BASE, Academia etc.).
  • Zoek naar databanken op vakgebied en/of type bron. Een hogeschool/universiteit biedt haar databanken vaak aan op vakgebied of type opleiding. Ook bolas geeft een overzicht van databanken op vakgebied (zie overzicht met daarin links naar databanken per vakgebied).
  • Naast databanken zijn de kennisinstituten en vakliteratuur (als tijdschriften) van belang:
    • Welke kennisinstituten zijn er op je vakgebied? Meestal beschikken die instituten over één of meerdere databanken, bijv. het Trimbosinstituut, het RIVM, het Nivel etc.;
    • Welke vaktijdschriften (Nederlands- en anderstalig) zijn er voor verpleegkundigen?
  • Zoek binnen databanken naar beroepsspecifieke bronnen en/of experts (NARCIS, Springer, Sage).
  • Gebruik bibliografieën en handboeken (hanteer daarbij de zgn. sneeuwbalmethode).
  • Zoek slimmer – binnen databanken en via Google (Scholar). Neem zelf het heft in handen en weet wat & hoe je zoekt.

Méér weten?

  1. Zie het bronnenoverzicht, een selectieve gids naar verpleegkundige vakliteratuur, databanken en relevante wetenschappelijke instituten.
  2. Abonneer je op de nieuwsbrief Onderzoekend vermogen voor verpleegkundigen.
april 16th, 2020 by Jaap de Jong

Onderzoekend vermogen in het Social Work

“Wat zijn relevante databanken voor het Sociaal Werk?” en “hoe doe je snel & effectief literatuuronderzoek?” zo vragen studenten Social Work mij met regelmaat. Ik kan daar niet altijd direct antwoord op geven.

“Relevant” hangt immers af van context, de vraagstelling (wat wil je precies weten), de kwaliteit (o.a. betrouwbaarheid) en het gewenste type bron (bijv. journal, artikel, thesis). Daarnaast speelt de beschikbaarheid & toegankelijkheid een rol. Je kunt niet overal gratis bij, behalve bij Open Access bronnen die toegankelijk zijn voor iedereen.

Een paar suggesties en een bronnenoverzicht:

  • Wordt lid van de Koninklijke Bibliotheek (KB). Daar heb je een leven lang plezier van. De KB geeft je ook na afstuderen toegang tot databanken. Je kunt hier lid worden van de KB. Let op de kortingsmogelijkheden voor studenten.
  • Maak daarnaast gebruik van (Open Access) databanken. Een groot aantal van die databanken wordt ook direct (en tegelijkertijd) doorzocht door Laelaps, de zoekmachine van bolas (zoals DOAJ, HBO-Kennisbank, NARCIS, BASE, Academia etc.).
  • Zoek naar databanken op vakgebied en/of type bron. Een hogeschool/universiteit biedt haar databanken vaak aan op vakgebied of type opleiding. Ook webapplicatie Bolas heeft een dergelijk overzicht (op vakgebied, opleiding en type).
  • Naast databanken zijn de kennisinstituten en vakliteratuur (als tijdschriften) van belang:
    • Welke kennisinstituten zijn er op je vakgebied? Meestal beschikken die instituten over één of meerdere databanken, bijv. het Nederlands Jeugdinstituut, Movisie etc.;
    • Welke vaktijdschriften (Nederlands- en anderstalig) zijn er voor Social Work?
  • Zoek binnen databanken naar beroepsspecifieke bronnen (NARCIS, Springer, Sage, Worldcat).
  • Gebruik bibliografieën en handboeken (hanteer daarbij de zgn. sneeuwbalmethode).
  • Zoek slimmer – binnen databanken als die van Springer, maar ook op Google (Scholar). Neem zelf het heft in handen en weet wat & hoe je zoekt.

Méér weten?

  1. Zie het bronnenoverzicht, een klikbare gids naar vakliteratuur, databanken en relevante wetenschappelijke instituten.
  2. Abonneer je op de nieuwsbrief Onderzoekend vermogen – Social Work